Passagier van het eerste uur

Lutz Jacobi fietst weg met Wim Stallinga en Albert van Dijk

Wim Stallinga, deelnemer van het eerste uur. Enthousiast, en niet zo’n beetje ook. Ja, zo praat de heer Wiebe Stallinga (84) over zijn ervaring als passagier op de riksja van Fietsen Alle Jaren Leeuwarden. En als hij dat doet, dan weet hij waar hij het over heeft. Hij was namelijk in Leeuwarden de allereerste die dat meemaakte. En dat was niet zomaar even een ritje. O nee, welgeteld 35 kilometer legden hij, als – zeg maar – proefpersoon en bestuurder Albert van Dijk enkele jaren geleden die dag af. Ze deden daarbij onder meer Burgum aan.

Wind door het haar
De geboren Zaandammer, sinds 2003 woonachtig in woonzorgcentrum Abbingahiem, vindt het heerlijk rondgefietst te worden, vooral buiten de stad zelf. ‘En dan bijvoorbeeld de vogeltjes horen fluiten. Prachtig. Je bent dan – wat ik het liefst heb, buiten de bebouwde kom- in de vrije natuur, geen last van autodampen en zo, lekker buiten. Je voelt de wind weer eens door je haren heen waaien. Het kan haast niet mooier. Ook ben ik onderhand al een paar keer bij verschillende happenings geweest, zoals een promotietocht in het Culturele Hoofdstad-jaar en een tocht van de Fietsersbond met hier en daar een stempelpost en een kopje koffie onderweg.’
Langs het kanaal
Stallinga, roepnaam Wim, heeft drie beroepen gehad. Eerst was hij schipper op de Rijn- en binnenvaart, toen leraar en ten slotte – wat hijzelf noemt – hoofd-schoonhoud in het toenmalige Leeuwarder Diaconessenhuis. Gezien die eerste achtergrond (hij vervoerde meest uit Duitsland opgehaald zand en grind) ligt het voor de hand dat hij graag langs een meer of kanaal gereden wil worden om schepen te zien langsvaren. Ook houdt hij erg van ritjes naar en door nieuwbouwwijken om zo te  kunnen zien waar en hoe de stad zich uitbreidt. Maar het hangt er vanzelf elke keer wel van af of een mede-passagier dat dan ook leuk vindt.
Promotor
Gelet op zijn enthousiasme zal het niet verbazen dat Stallinga een op-en-top promotor is van de riksja-ritten. In Abbingahiem zelf maar ook daarbuiten maakt hij er, en niet zonder succes, geregeld ‘reclame’ voor. ‘De meesten vinden het ook prachtig’, zegt hij. ‘Sommigen zijn een beetje angstig om eens mee te gaan. Dan zeg ik altijd: Je hoeft niet bang te zijn want je krijgt een riem om en hebt voetsteunen. Zo probeer ik ze dan over de drempel te halen. Ik heb gemerkt dat de riksjabestuurders geen enkel risico nemen. Ze mogen ook niet harder dan 15 km.’, aldus deze passagier die, als het mogelijk is, zelf het liefst tochtjes van anderhalf uur maakt.
Naar buiten
‘Ik zie dit als een heel mooie vorm van liefdadigheid’, zegt Stallinga. ‘Vrijwilligers die op pad gaan met mensen die anders misschien nooit buiten komen.’ Inmiddels heeft hij met enkele bestuurders al een zekere band opgebouwd. ‘Dat vind ik wel makkelijk omdat je elkaar dan een beetje kent en leuke gesprekken kunt voeren. Enig minpuntje is voor Stallinga dat hij de fietser bij het praten niet kan aankijken, geen oogcontact dus. ‘Maar al met al, ik geniet elke keer weer van de ritjes. Van de gesprekjes, de omgeving, de frisse lucht, de natuur. Van mij mag het nog jaren doorgaan. Ik hoop dat er nog lang genoeg vrijwilligers blijven.’ Zie ook dit filmpje van Omrop Fryslân